Home » Hoe jongeren verslaving zien: tussen stigma, beelden en werkelijkheid
De word cloud die uit de collages naar voren kwam, liet weinig ruimte voor nuance. Woorden als drugs, junk, gezondheidsproblemen, toekomstloos, stress, angst en verslaving sprongen eruit. Voor veel jongeren staat verslaving gelijk aan destructie, verlies en een leven zonder perspectief.
Tegelijkertijd verschenen ook woorden als groepsdruk, opvoeding, invloed en vriendloos. Dat laat zien dat jongeren verslaving niet alleen zien als een individuele keuze, maar ook als iets dat ontstaat onder invloed van de omgeving. Toch blijft het dominante beeld hard en negatief.
De mood-analyse van de collages bevestigt dit stigma. Verslaafden worden vaak afgebeeld als werkloos of werkzaam in laagbetaalde banen, dakloos of levend in een rommelige en verwaarloosde woning. Hun sociale kring bestaat volgens de beelden vooral uit andere verslaafden. Ook persoonlijke verzorging speelt een rol: onverzorgd haar, slechte mondhygiëne en gebrek aan zelfzorg keren regelmatig terug. Jongeren die nog op school zitten en verslaafd zijn, worden gezien als leerlingen met lage cijfers en weinig toekomstperspectief. Het dagelijks leven van een verslaafde wordt geassocieerd met rondhangen op straat, criminaliteit en politiecontact. Slechts 11 van de 76 collages laten een minder stigmatiserend of realistischer beeld zien. Dat onderstreept hoe hardnekkig en eenzijdig het dominante beeld is.
Toen ik jongeren vroeg waarop hun mening over verslaving is gebaseerd, wezen zij vooral naar social media, films, series en hun directe omgeving. Platforms als Instagram, TikTok en YouTube spelen een grote rol in hoe verslaving wordt neergezet. Vaak extreem, vaak negatief, vaak zonder context. Ook ouders, familie en vrienden hebben invloed, meestal vanuit een waarschuwend perspectief. Slechts een klein deel van de jongeren baseert zijn mening op onderwijs of eigen verdieping in het onderwerp. Het beeld wordt dus vooral gevormd vóórdat er ooit een echt gesprek plaatsvindt.
Na het maken van de collages heb ik iets kleins gedaan. Ik nam vijf minuten om een deel van mijn eigen verhaal te delen. Over mijn verslaving. Over hoe het begon. Over hoe het eruitzag aan de buitenkant en wat er vanbinnen speelde. In die vijf minuten veranderde niet ineens alles. Verslaving bleef voor de meeste jongeren iets negatiefs. Maar wat wél veranderde, was de blik op de mens erachter.
Leerlingen gaven aan verrast te zijn dat je verslaving niet altijd ziet. Dat iemand met een verslaving niet automatisch voldoet aan het beeld dat zij net zelf hadden geplakt. Dat het ook iemand kan zijn die naast je zit in de klas. Of voor je staat. Er ontstond respect. Voor herstel. Voor openheid. Voor het feit dat iemand meer is dan zijn verleden. De verslaving bleef een probleem, maar de persoon werd minder snel gereduceerd tot dat probleem.
Dit onderzoek laat zien dat het stigma rondom verslaving onder jongeren diep verankerd zit. Het beeld is vaak hard, eenzijdig en sterk beïnvloed door media en sociale verhalen. Tegelijkertijd laat het ook iets hoopvols zien. Dat er soms maar een kort, eerlijk verhaal nodig is om ruimte te maken voor nuance. Niet door verslaving goed te praten.
Maar door het gesprek te verschuiven: van oordeel naar context, van label naar mens. En precies daar ligt voor mij de sleutel tot het doorbreken van stigma.
Michelle
van Schoonderwalt
Eigenaar De Dialoogmakers &
Ervaringsdeskundige